“Het openbaar onderwijs als levensbeschouwelijke boekwinkel”

toespraak Marleen Lammers MSc (VOS/ABB)
22 juni 2012 Sectordag docenten G/HVO “SMAKEN VERSCHILLEN”

Binnen mijn werkzaamheden bij VOS/ABB spreek ik veel bestuurders, algemeen directeuren, maar ook docenten. Om uit te leggen wat VOS/ABB voor het onderwijs doet, maken we vaak het vergelijk met de boekwinkel. Deze boekwinkel beschikt over een aantal bestsellers. Maar vooraan in de boekwinkel hebben wij een poëziekast staan. In deze poëziekast hebben onze ideologische thema’s een prominente plek gekregen. Het is het meer dan waard om regelmatig bij deze boekenkast stil te staan. Je vindt hier namelijk prachtige bundels over de identiteit van het openbaar onderwijs, over burgerschapsvorming, wederzijds respect, ontmoeting en natuurlijk over levensbeschouwing in het openbaar onderwijs. Deze poëziekast willen wij als VOS/ABB graag breed beschikbaar stellen.

Het is niet alleen mooi en verrijkend om deze poëzie te lezen, de bundels in de poëziekast staan zelfs op de verplichte boekenlijst van het openbaar onderwijs. Het openbaar onderwijs heeft vanuit de wet namelijk nadrukkelijk een pluriforme opdracht:

 ‘Het openbaar onderwijs draagt bij aan de ontwikkeling van de leerlingen met aandacht voor de godsdienstige, levensbeschouwelijke en maatschappelijke waarden zoals die leven in de Nederlandse samenleving en met onderkenning van de betekenis van de verscheidenheid van die waarden.’[1]

Openbare scholen zijn toegankelijk voor alle kinderen zonder onderscheid van godsdienst of levensbeschouwing.[2]

 Openbaar onderwijs wordt gegeven met eerbiediging van ieders godsdienst of levensbeschouwing.[3]

Naast deze pluriforme opdracht van het openbaar onderwijs dienen scholen vanuit de wet ook gelegenheid te bieden voor het volgen van godsdienstonderwijs of humanistisch vormingsonderwijs (g/hvo).

Het bevoegd gezag stelt de leerlingen in de gelegenheid op de school,
binnen de schooltijden, godsdienstonderwijs of
levensbeschouwelijk vormingsonderwijs te ontvangen.[4]

Op ongeveer de helft van alle openbare scholen wordt g/hvo aangeboden. De grootste groep leerlingen volgt het protestants christelijk onderwijs, op de voet gevolgd door het humanistisch vormingsonderwijs. Daarnaast volgt een kleine groep leerlingen het rooms-katholiek, islamitisch en hindoeïstisch vormingsonderwijs. Jaarlijks wordt vanuit het Rijk 10 miljoen euro ingezet om deze lessen vorm te geven en te organiseren. Voor deze structurele rijksbijdrage heeft VOS/ABB zich samen met andere organisaties een aantal jaar geleden hard gemaakt.

Wij vinden dat scholen met het aanbieden van g/hvo de pluriforme opdracht niet voldoende waar kunnen maken. Onze visie op levensbeschouwing is gebouwd op twee pijlers, die ook herkenbaar zijn in de wet. Enerzijds is er het aanbod g/hvo dat door de school wordt uitbesteed. Dit wordt ook wel teaching into religion genoemd. Anderzijds en minstens zo belangrijk is de eigen pluriforme opdracht van de openbare school. Hierbij gaat het niet alleen om feitenkennis, het teaching about religion. Veel scholen denken dat ze met het vak geestelijke stromingen of wereldoriëntatie voldoen aan hun plicht. Wij gaan nog een stap verder en vinden dat het openbaar onderwijs ook uit moet gaan van teaching from religion: het leren van en met elkaar.

Laatst was ik op een basisschool voor een workshop over levensbeschouwing. Op de vraag wat de school al doet op het gebied van levensbeschouwing, werd verwezen naar het aanbod g/hvo en op aandacht voor wereldgodsdiensten binnen wereldoriëntatie. Zij leken zich dus te beperken tot teaching into en teaching about religion. Gedurende de workshop kwamen echter de prachtigste voorbeelden van teaching from religion. Zo vertelde de kleuterjuf dat een kind op maandag in de kring kwam met het nieuws dat mama een baby in de buik had. In het kringgesprek hierover stelde een van de kleuters de vraag: maar waar kwam dan de eerste baby vandaan? Dat was even slikken voor de juf. Wat volgde was een mooi gesprek met de kleuters en de conclusie dat er hierover verschillende ideeën zijn.
Impliciet gebeurde er op deze school al heel veel op het gebied van teaching from religion. Het is de kunst om van impliciete aandacht in toevallige voorvallen te komen tot een borging van levensbeschouwing in expliciete aandacht voor levensvragen.
Regelmatig wordt VOS/ABB benaderd door schoolbesturen die zoeken een manier om expliciet aandacht te besteden aan levensbeschouwing. Samen met de school of het bestuur proberen wij dan te komen tot een curriculum door de gehele school, waarin we de verbinding leggen met andere bundels uit onze poëziekast. We leggen de link naar burgerschap, de traditionele feesten, filosofie, sociaal emotionele ontwikkeling, schoolwaarden- en normen, geestelijke stromingen en levensbeschouwingen. Nadrukkelijk wijzen wij de scholen erop dat dit slechts één van de openbare pijlers is en dat men desondanks ouders moet informeren over de mogelijkheden voor g/hvo en de behoefte dient te inventariseren.

De aandacht voor levensbeschouwing is dus nog niet overal vanzelfsprekend binnen het openbaar onderwijs. We zien bijvoorbeeld grote regionale verschillen daar waar het de vraag naar g/hvo betreft. In sommige grote steden is het aanbod van gvo een probleem, omdat scholen moeite hebben met Islamitisch godsdienst onderwijs en de stigmatiserende werking die een dergelijk aanbod volgens sommigen zou kunnen hebben. Onder het mom van ‘lastig te organiseren’ laten sommige directeuren inventarisaties ook achterwege. En binnen voortgezet onderwijs is de aandacht voor teaching into en from religion vaak ver te zoeken.

We herkennen in de praktijk ook een spanningsveld. Enerzijds zoekt het openbaar onderwijs de ontmoeting. We trachten vanuit de pluriforme opdracht leerlingen op te voeden tot tolerante wereldburgers die respect hebben voor elkaars afkomst en levensovertuiging. Door de g/hvo lessen worden leerlingen echter afgezonderd. De ervaringen die leerlingen opdoen worden niet of nauwelijks gedeeld met de hele groep. Afgelopen woensdag stond in Trouw interview met Ineke Struijk, leerkracht basisonderwijs, over Levensbeschouwing in het openbaar onderwijs. Ineke Struijk geeft het spanningsveld hier prachtig weer:

(…)Ik merkte dat er over en weer vaak lelijke dingen werden gezegd. En dan kun je als leerkracht wel zeggen: je moet respect hebben voor ieders godsdienst of levensbeschouwing. Maar waarvoor moet je dan precies respect hebben? Daarom ben ik met kinderen in gesprek gegaan over verschillende levensbeschouwingen.’

De ontmoeting tussen leerlingen op het thema levensbeschouwing is van wezenlijk belang.
Hoe ga je deze ontmoeting vormgeven vanuit de gedachte dat openbaar onderwijs zowel te maken heeft met teaching into als teaching from religion? Ik zie in onze poëziekast nog een lege plank, waar in de toekomst mooie verzamelbundels kunnen komen te staan. In die verzamelbundels wordt door scholen intensief samengewerkt met de docenten g/hvo. Ik zie voor me dat thema’s op elkaar af worden gestemd. Er wordt bijvoorbeeld vanuit teaching into, about en from gewerkt rondom het thema ‘geboorte’.

We spreken hierin van een nieuw paradigma. Het paradigma ‘op een openbare school hebben religies niets te zoeken’ zijn wij ver voorbij. Het nieuwe paradigma is ‘levensbeschouwing: juist  in het openbaar onderwijs’.
Dit nieuwe paradigma vraagt wel iets van de groepsleerkracht! Vandaar dat VOS/ABB zich ook inzet voor het diploma openbaar onderwijs. Dit diploma wordt door veel pabo’s aangeboden. Het diploma stelt leerkrachten op de openbare school in staat op een betekenisvolle wijze de actief pluriforme opdracht uit te voeren. Studenten leren hun eigen visie op het leven kennen en op een open en betekenisvolle wijze met kinderen praten over levensbeschouwing.

Levensbeschouwing dus juist in het openbaar onderwijs: als grondhouding; merkbaar, zichtbaar en voelbaar en als ouders dit wensen in aparte g/hvo-lessen.
Van verschillende smaken kunnen we juist leren in het openbaar onderwijs. Dat maakt het openbaar onderwijs tot een levensbeschouwelijke boekwinkel.
Vanuit dit belang hebben het Dienstencentrum gvo en hvo, de CBOO, de VOO en VOS/ABB een convenant opgesteld. Hierin benadrukken zij het belang van g/hvo lessen in de openbare scholen en geven zij aan gezamenlijk de doelstellingen van het Dienstencentrum te steunen en de eigen pluriforme opdracht kracht bij te zetten vanuit samenwerking. Dit convenant zal straks ondertekend worden.


[1] WPO art. 46, lid 1 / WVO Art. 42, lid 1
[2]
WPO Art. 46, lid 2 / WVO Art. 42, lid 2
[3]
WPO Art. 46, lid 3 / WVO Art. 42, lid 3
[4]
WPO Art. 50 & 51 / vergelijkbaar in WVO Art. 46 & 47

Delen:Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInShare on Google+Pin on PinterestPrint this pageEmail this to someone